Arancini, risotto balletjes

arancini

Wanneer ik risotto maak, dan hou ik vaak wel wat over. Misschien maak ik zelfs stiekem wel wat extra, zodat ik deze heerlijke arancini de volgende dag kan maken. Ik ben er dol op, helemaal als je er in het midden nog een stukje kaas in verstopt en je een “smeltend hart” hebt. Wij aten ze gisterenavond met een glas wijn als maaltijd, maar – zoals gezegd – ze doen het ook heel feestelijk als borrelhapje. In mijn geval nog vegetarisch ook, want de risotto die ik over had was gemaakt met oesterzwammen en spinazie. De voorwaarde is een fijne smeuïge risotto die je goed kunt kneden.

Deze lekkernij vindt zijn oorsprong in Italië. Daar is het street food en vooral in Sicilië heel populair. Daar zijn de rijstballetjes meestal gevuld met een vleesvulling, tomatensaus en wat mozzarella en erwten. Dat zijn – in vergelijking met mijn variant – behoorlijk grote balletjes, ter grootte van een kleine sinaasappel, vandaar ook de naam “arancini” (kleine sinaasappels). Ik heb ze ook wel eens gegeten met een olijf in het midden! Ook lekker.

  • restje risotto
  • stukjes kaas (ik gebruikte Reade Jutter, een terschellingse roodschimmel, in kleine blokjes)
  • 4 el bloem (ongeveer, hou het pak in de buurt mocht er meer nodig zijn)
  • 1 ei, losgeslagen
  • 6 el panko (japans broodkruim)
  • Ook nodig: frituurpannetje

Zet eerst je schaaltjes met bloem, ei en panko op het aanrecht klaar en zet je frituurpan aan op 180graden.

Ik neem geen diepe borden, maar schaaltjes. Dan gooi je uiteindelijk ook minder bloem, ei en panko weg. Maak dan eerst de risotto balletjes. Pak wat risotto en leg dat in de palm van je hand. Leg een stukje kaas in het midden en kneed de risotto er omheen. Als je te weinig risotto hebt gepakt, doe er dan nog wat bij. Vorm kleine eitjes. Ga zo door tot de risotto op is en je een bord met balletjes hebt. Haal die balletjes één voor één door achtereenvolgens: bloem, ei (goed bedekken) en als laatste de panko. Zorg dat de balletjes rondom zijn voorzien van een laagje kruim. Leg op een ander bord.
In de tussentijd is je frituurpan warm genoeg en kun je gaan frituren. Afhankelijk van de grootte van je pan, zorg er voor dat de arancini ruimte hebben in de pan en mooi egaal goud bruin kleuren. Dat gebeurt in vijf minuten. Laat ze even uitlekken op wat keukenpapier. Schenk in de tussentijd een lekker glas wijn of prosecco in, en … cin-cin

Salute!
+Mirjam Keukengeheim

arancini ongebakkenarancini 2

 

Lente op je bord – spinazie roomkaas zalm rol

Keukengeheim Spinazie zalm roomkaas rol Wat is dit toch een mooie tijd van het jaar, het voorjaar. Alle plantjes doen weer zo hun best zich van hun beste kant te laten zien en ook in de moestuin groeit weer van alles. Afgelopen weekend was niet persé heel lekker weer, maar met dit gerecht heb je altijd de zon op je bord! Een heerlijke spinazie zalm rol die het als lunch of borrelhapje heel goed doet. Ik gebruikte ook wat roze peper die ik onlangs uit Gran Canaria mee bracht en voegde ook nog een hard gekookt eitje van onze eigen kippen toe. Feestje!

Voor 4 personen:

200 gr Nieuws Zeelandse spinazie (van die lange bladen waar de steel nog aan zit)
3 eitjes
100 gr roomkaas (of zoveel je lekker vindt)
4 plakjes bio-zalm
3 hard gekookte eitjes
half bosje gehakte platte bladpeterselie
maldon zoutflakes
roze peperkorrels
zest van een halve citroen

Bereiding:
Was de spinazie in ruim water en verhit een wok op het vuur. Je hoeft geen boter toe te voegen. Het aanhangende water van de spinazie zorgt vanzelf dat de spinazie slinkt. Laat slinken en doe over in een vergiet. Laat even afkoelen. En knijp goed uit! Zoveel mogelijk vocht eruit.
Verwarm je oven voor op 200 graden.
Doe de eitjes (de rauwe) en de spinazie in de blender, of magimix en pureer het geheel tot een min of meer glad mengsel.

Keukengeheim eitjes en spinazie op bakplaat eiermengsel met vulling

 

 

 

 

 

 

 

 

Voorzie je bakplaat van een vel bakpapier en giet daarop het ei-spinazie mengsel. Bak 20 minuten in de oven (kijk af en toe, jouw oven is de mijne niet). Niet te lang laten bakken, dan wordt de omelet te droog. Haal de bakplaat uit de oven en trek de omelet met het bakpapier op je koude aanrechtblad (als je tenminste een aanrecht van graniet hebt, anders gewoon op je bakplaat af laten koelen).

Als de omelet is afgekoeld, haal voorzichtig de omelet los van het bakpapier, maar laat hem er wel op liggen. Het gaat erom dat hij los is van het bakpapier en je hem zo, in één beweging, kunt oprollen. Bedek de omelet met een lekkere laag roomkaas, de gehakte peterselie, de citroen zest, de plakjes zalm (trek die in kleinere stukjes), de roze peper korrels, zout en de in plakjes gesneden eitjes. Rol het geheel dan stevig op en verpak in plastic folie. Rol het stevig op. Leg dan minimaal 30 minuten in de koeling.
Je kunt je rol ook de dag ervoor maken, dan ben je sneller klaar, en is hij mooi stevig. Haal hem wel 10 minuten voor serveren alvast uit de koelkast, dat komt de smaak ten goede.

Snijd de rol in plakjes en serveer. Bijvoorbeeld met een lekkere salade van rucola, of raapsteeltjes en zeekraal. Maak een dressing waarin vers citroen sap is verwerkt, je hebt dan een mooie frisse tegenhanger bij het vettige van de zalm en roomkaas. En wat zelf gebakken brood natuurlijk.

Enjoy!!

+Mirjam Keukengeheim

Keukengeheim Spinazie zalm roomkaas rol

 

 

Japanse Makreel

Japanse MakreelDe Japanse keuken is een verfijnde keuken waarvan ik erg hou.  Geen overbodige ingrediënten, alleen pure smaken op het bord. Het is niet altijd makkelijk om het noorden van het land Aziatische restaurants te vinden die voldoen aan mijn verwachtingen. Hoe fijn is het dan als je het gewoon zelf kunt maken, in je eigen keuken. Dit is een goed voorbeeld van een heel gemakkelijk recept waarmee je gegarandeerd succes hebt. Enige voorwaarde voor succes: zorg ervoor dat je hele verse vis koopt bij een goede visboer.

Ingrediënten voor 4 personen:

4 makreel filets (vraag je visboer)
1 dl soja saus
1 dl mirin (zoete rijstwijn)
1 cm verse gember (geraspt)
1 teentje knoflook (geraspt)
1/2 rode peper, heel fijn gesneden
el kokosolie om in te bakken

erbij:
4 flinke handen wilde spinazie, gewassen, gedroogd en ontdaan van stelen
200 gr verse wilde paddestoelen (shi-takes, eekhoorntjesbrood, cantharellen)
1 el soja saus
1 el gomaiso (mengsel van zout en sesamzaadjes)

Maak in een kommetje een mengsel van alle ingrediënten behalve de makreel en de kokosolie. Zet een koekenpan op het vuur, waarin je visjes precies passen, en verhit daarin de kokosolie. Bak je makreel eerst op de kant zonder vel (ongeveer 1 minuut) en draai de visjes vervolgens om en bak ze nog ongeveer 3 minuten op de huidkant. Controleer steeds de garing, té gaar is niet lekker, bij geen enkele vissoort. Voeg vervolgens als de visjes bijna gaar zijn het soja/mirin mengsel toe en kook op hoog vuur even in. Op het moment dat je dat doet wok je de spinazie en paddenstoelen snel en laat de spinazie slinken, meer is niet nodig. Voeg een scheutje soja saus toe en zet het vuur uit.

Dresseer op een voorverwarmde borden. Begin met een plukje spinazie en leg daar een visje overheen. Lepel nog wat van de saus uit de pan over je gerecht heen en doe de rest van de saus in een bakje. Je kunt dit op tafel zetten als er mensen zijn die nog wat saus willen, dan kan dat. Bestrooi het geheel met wat gomaiso.

Eventueel kun je ook nog wat voorgekookte noodles aan je spinazie toevoegen tijdens het wokken voor wat extra koolhydraten. Of gebruik rettich in plaats van spinazie, lekker knapperig en weer een heel andere smaakbeleving.

Enjoy!

+Mirjam Keukengeheim